Français Hollandais Leçon 64 Leçon de vocabulaire

Hollandais :: Leçon 64. Restaurant: Commander de la nourriture

loading

Vocabulaire :: Hollandais Français

Het vlees is rauw
La viande est crue
Ik hou van kort gebakken
Je l’aime saignante
Ik hou van half doorgebakken
Je l’aime cuite à point
Goed doorgebakken
Bien cuit
Ik wil een gerecht uit de regio proberen
J’aimerais essayer un plat de l’endroit
Ik heb allergie voor verschillende soorten voedsel
Je suis allergique à certains aliments
Welke ingrediënten bevat het?
Quels sont les ingrédients?
Wat voor soort vlees heb jij?
Quels types de viande proposez-vous?