Vocabulary lesson Flashcards Matching game Tic-tac-toe Concentration game Listening game

Dutch :: Lesson 87 Vacation: I need

Vocabulary

I am going for a walk
Ik ga even een stuk lopen
I don’t need to watch television
Ik hoef geen tv te kijken
I don’t need to watch the movie
Ik hoef de film niet te zien
I need to use the computer
Ik moet de computer gebruiken
I need to cross the street
Ik moet oversteken
I need to spend money
Ik moet geld uitgeven
I need to send it by mail
Ik moet het per post sturen
I need to stand in line
Ik moet in de rij staan
I don’t need to deposit money into the bank
Ik hoef geen geld te storten bij de bank