Vocabulary lesson Flashcards Matching game Tic-tac-toe Concentration game Listening game

Dutch :: Lesson 62 Restaurant: Finding a restaurant

Vocabulary

Where is there a good restaurant?
Waar is een goed restaurant?
We need a table for four
We hebben een tafel voor vier personen nodig
I would like to reserve a table for two
Ik wil graag een tafel voor twee reserveren
Waiter
Ober
Waitress
Serveerster
May I see the menu?
Mag ik het menu zien?
What do you recommend?
Wat raadt u aan?
What is included?
Wat zit erin begrepen?
Does it come with a salad?
Hoort de salade erbij?
What is the soup of the day?
Wat is de soep van de dag?
What are today’s specials?
Wat is de dagschotel?
What would you like to eat?
Wat zou je willen eten?
The dessert of the day
Toetje van de dag