Vocabulary lesson Flashcards Matching game Tic-tac-toe Concentration game Listening game

Going out for drinks/food

Vocabulary

Shall we go for a drink?
Zullen we iets gaan drinken?
Shall we go for lunch together?
Zullen we samen gaan lunchen?
Would you like something to drink?
Wil je iets drinken?
Shall we go by tram or bus?
Zullen we met de tram of bus gaan?
I'll go by bicycle
Ik ga met de fiets
May I look at the menu please?
Mag ik de menukaart alstublieft?
I would like a cup of tea
Ik wil graag een kopje thee
Can I have a diet coke?
Mag ik een cola light?
I'd rather have a beer.
Ik heb liever een biertje
Where is the toilet/bathroom?
Waar is het toilet?
I don't know what to choose
Ik weet niet wat ik moet kiezen
This is not what I ordered
Dit is niet wat ik besteld heb
It was delicious
Het was heerlijk
This is my treat
Ik trakteer (hierop)
I've had enough to eat
Ik heb genoeg gegeten
Can I have the bill?
Mag ik de rekening?
Shall we go Dutch?
Zullen we de rekening delen?
They have wines and softdrinks
Ze hebben wijn en frisdrank
What kind of sandwiches do they serve here?
Wat voor broodjes serveren ze hier?
I'd like a three course meal
Ik wil een drie gangen diner
Is that a chocolate desert?
Is dat een chocolade dessert?
Can I have one coffee and two tea?
Mag ik één koffie en twee thee?
The service is pleasant
De bediening is prettig
What an expensive restaurant!
Wat een duur restaurant!
We'll meet in front of the restaurant
We ontmoeten elkaar bij de ingang van het restaurant
I've had a wonderful dinner
Ik heb heerlijk gedineerd
Would anyone like a cheese sandwich?
Wil iemand een broodje kaas?
They sell organic hamburgers here
Ze verkopen hier biologische hamburgers